Wondere wereld

door Dagelijkse Dingen

We hebben er drie.  De kleinste is 2, de grootste is 10 en die ertussen is 7. Bij elkaar opgeteld is dat een wondere wereld. Om 6 uur wakker worden omdat kleine man zo klaarwakker is dat hij een ’toet toet, beng beng, peppie en kokkie’  ten gehore brengt vanuit zijn bedje. En om 11 uur ’s avonds in bed een zaklamp op je gericht krijgen omdat oudste met twee logees ‘op avontuur’ is. Van enkelgrepige antwoorden op elke vraag van oudste  (Was school leuk? Gewoon. Hoe was het feestje? Leuk. Ben je moe? Nope. ) tot eindeloos gebabbel van jongste (bij voorkeur: mamamamamamamamamamamamamamamamama) en middelste (bij voorkeur met een slis of gek stemmetje).

En wij? We schakelen moeiteloos – denken we – tussen een ‘vette drop-in’ (oudste zit op skateboardles), een falende serie (het commentaar van oudste op peuter-tv), dikkie dik (het favoriete boek van jongste) en juf jet en mees koen (voor de leesbeurt van middelste). Op de wc zitten we met opgetrokken knieën vanwege twee extra potjes (een van jongste en een waarop pop tegenwoordig haar dagen doorbrengt). En het kan zomaar gebeuren dat je in je oude kloffie uit eten gaat met een vriendin omdat je geen tijd meer had je om te kleden. Ook ben je niet meer verbaasd als je (hardop) tegen poes (inmiddels tot
‘slappe tinus’ gebombardeerd door jongste) zegt: ‘zal mama jou wat eten geven’ en op het werk zachtjes bij de koffie-automaat ‘Nijntje, een lief klein konijntje’ zingt.  

Heel vroeger (toen ik nog in mijn up driehoog achter in de jordaan woonde en moe thuiskwam van een dag werken) bedacht ik me weleens ‘ Stel dat je nu nog voor een stuk of wat kinderen moet zorgen’. Daarna plofte ik op de bank met een snelle salade, afstandsbediening en telefoon binnen handbereik. De avond voor mij alleen.

En nu? Nu ploffen manlief en ik iets later op de bank. Niet omdat we later van ons werk komen. Integendeel. Op kantoor heeft het startschot al rond vijf uur geklonken. En vanaf dat moment is er gejakkerd, gejaagd, gebeld, een file weggekeken en opgehaald. Er is gekookt, verschoond, gebadderd, omgekleed, gelezen, gekeet, gekust, geknuffeld, geschaterd en gezongen. Het potje is gevuld met een grote of een kleine plas. Er is hard gelachen om het windje dat echoode tegen de rand. Er is geoefend met zinnen en met een beetje pech gevlooid op luizen.

En als dan uiteindelijk de plof in ons huis klinkt (sinds oudste een teenager is een uurtje later) komt de wondere wereldbol tot stilstand. Voor heel eventjes dan…

0 Reactie
0

Laat een reactie achter

Dagelijkse Dingen maakt gebruik van cookies voor het optimaal functioneren van de website en voor het verzamelen en analyseren van statistieken. OK